30 juni 2019

Eenzaam: een zoektocht naar betekenis, oorzaken en oplossingen – Nels Fahner ★★★★

Door Tabitha

Lees deze en andere boekrecensies op mijn Goodreads pagina

Waardering: 3.5 uit 5.

3,5 ster voor Nels Fahner over eenzaamheid.
Interessant boek dat het thema vanuit verschillende perspectieven belicht. Zowel sociale, emotionele en existentiële eenzaamheid, eenzaamheid en migratie en vriendschap komen aan bod.

Wel krijgt eenzaamheid bij ouderen een eenzaamheid als iets situationeels voor mijn gevoel de meeste aandacht.
Fahner schrijft toegankelijk en journalistiek. In elk hoofdstuk komen één of meerdere experts uit theorie of praktijk aan het woord en wordt telkens licht geworpen op een ander aspect van eenzaamheid. Het boek leest gemakkelijk en elk hoofdstuk zou ook als krantartikel geplaatst kunnen worden. Het zou kunnen dat voor sommige lezers het christelijke perspectief er iets te dik bovenop ligt.
Wat ik zelf van het boek meeneem is hoe diep eenzaamheid kan gaan. Eenzaamheid snijdt in je ziel.


Ik vind de spanning boeiend tussen eenzaamheid op willen lossen en sociale dingen gaan ondernemen aan de ene kant en eenzaamheid als een manier om de diepte van het leven te ervaren wat we moeten laten zijn aan de andere kant.
Verder heeft het boek me (weer) laten inzien wat voor fundamentele behoefte de verbinding met anderen is. Het is daar dat een zinvol leven begint. En vaak zit dit in de kleine dingen; een bemoedigend woord, een groet op straat; oprechte interesse tonen en de kracht van luisteren zonder oordeel. Dat zijn de dingen die ertoe doen.”

Als je weet wie je bent, kun je je koers bepalen. En: verbondenheid zit niet in de hoeveelheid, maar in de intensiteit. Het gaat om de mate waarin mensen er kunnen zijn voor elkaar.

Nels Fahner in Eenzaam, p. 60

Boeiende quotes:

“Volgens Andeweg is het belangrijk dat mensen de gelegenheid tot betekenisvol contact krijgen. ‘Betekenisvol, dat betekent dat je ertoe doet. Je kunt veel mensen om je heen hebben, en toch hartstikke eenzaam zijn. Dat betekenisvolle heeft ook te maken met rust, met de tijd nemen voor elkaar. Het hebben van werk, dat helpt ook. Je moet dus zorgen dat mensen er echt toe doen, dat ze echt gezien worden, en dat begint bij jou en bij mij, bij de dagelijkse omgang met elkaar.'” (p. 15)

“Eenzaamheid is een symptoom van onbelans. […] Je voelt je eenzaam of niet. Het is dus niet zo dat je kunt zeggen: die eenzaamheid is onzin, want je hebt vrienden zat. Het gaat erom dat de behoeften die jij hebt, vervuld zijn.” (p. 31)

“Als je weet wie je bent, kun je je koers bepalen. En: verbondenheid zit niet in de hoeveelheid, maar in de intensiteit. Het gaat om de mate waarin mensen er kunnen zijn voor elkaar.” (p. 60)

“‘Hij [psychiater Dirk de Wachter] beschrijft op een gegeven moment een anekdote waarin iemand aan een ander vraagt ‘hoe was je weekend?’ ‘gewoon een beetje aanegrommeld’ zegt de ander, en dan is de wedervraag: ‘ben je ziek dan?’. Dat aanrommelen een hele normale weekendbesteding is, zonder kicks of spannende verhalen, vinden mensen blijkbaar niet meer normaal, terwijl dat het wel is.'” (p. 61)

“Je bent sneller eenzaam als je geen doel hebt met de dag. Ik vraag weleens aan jongeren: Heb je geen plan? Als je geen regie hebt, en geen zingeving, dan wordt het moeilijk.” (p. 62)
(Doet me denken aan het nummer van Wende ‘Wat is mijn plan vandaag?’

“Je hebt twee dingen nodig om te groeien als mens: wortels en vleugels. Die wortels zijn niet heel sterk, in het gezin en in de kerk. Hoe beter je geworteld bent, hoe meer je durft te vliegen, de wereld durft in te gaan.” (p. 64)

“Eenzaamheid heeft verstilling nodig om bij je bron te komen.” (p. 65)

“‘Mijn punt is dat de gangbare benadering van eenzaamheid niet zozeer onjuist is, als wel onvolledig,’ vertelt Jorna. ‘Juist de plek waar de eenzaamheid huishoudt, in het innerlijk van deze mens in deze situatie, wordt dan niet gezien. We zijn naast relatiewezens ook dieptewezens en die diepte draagt een potentie in zich. Eenzaamheid is daarom niet alleen slecht of negatief, het staat ergens voor, als leermeester voor zelfwording en zinvinging.'” (p. 83)

“‘In onze maatschappij wordt diepgang niet echt gehonereerd, en de beschouwelijke omgang ermee evenmin,’ stelt Jorna. ‘Ik zou willen zeggen: kap iemand niet af, maar laat hem of haar uitpraten, ook als het niet leuk is wat er verteld wordt. Neem er de tijd voor. Dat scoort echter niet goed, want we zijn een maatschappij van actie. De dingen tot je laten doordringen, dat doen we liever niet. We gaan er liever omheen dan doorheen.”” (p. 85)

“‘We hebben keuzestress, want we moeten zo veel. moeten presteren, en op een verre vakantie. Er is weinig ruimte voor contemplatie. En hebben we een moment voor contemplatie, dan komt de geluksvraag in ons op. We moeten immers ook gelukkig zijn.’ Daarmee maken we het enorm ingewikkeld voor onszelf, ziet hij. ‘Iedereen showt zijn perfecte leven ook nog eens op sociale media. Ik snap dat niet. Het veroorzaakt een groot gevoel van falen. Dat falen betekent ook: ik doe niet mee. En dat zorgt voor eenzaamheid: vervreemding, onthechting en je onbegrepen voelen. Het zorgt er ook voor dat je niet tevreden bent met het leven dat je leidt.'” (p. 149)

“Door het postmodernisme is een grote nadruk komen te liggen op de eigen mening, de eigen keuzes. Je zou kunnen zeggen dat relaties meer als middel dan als doel worden gezien. Dat kan ook tot een enorm narcistsiche structuur leiden, en bij anderen kan dan de gedachte postvatten: wat heb ik aan die persoon? Dat is dus een zinverlies in de betrekkingen.” (p. 157)

“‘De innerlijkheid is wat de mens onderscheidt van die techniek. De liefde, de aandacht die er tussen mensen kan zijn is daar een exponent van. De opdracht is dus: ga je leven delen met iemand, ga samen iets opbouwen,’ zegt Verbrugge. ‘Uiteindelijk speelt daarbij ook het idee van bezieling een rol. Wat inspireert je daarbij? Ik zie daarvoor zeker mogelijkheen voro een terugkeer van religie.” (p. 165)

“In mijn ogen is vriendschap niet een gedeelde heroïsche kracht die de vijand verslaat, maar eerder een gedeelde zwakheid, solidariteit op basis van erkende onzekerheid.” (p. 168)

“Henri Nouwen zegt: ‘Luisteren is zo moeilijk omdat het om innerlijke rust vraagt. (…) Echte luisteraars zijn de innerlijke dwang om te laten merken ‘dat je er bent’ te boven. Daarom is bij hen ruimte om te ontvangen, te verwelkomen, te aanvaarden. (…) Luisteren is een vorm van geestelijke gastvrijheid – je nodigt vreemden uit om vrienden te worden.'” (p. 170)

“Vriendschap is voor elk mens wezenlijk. Zonder vriendschap kun je niet echt een totaal mens zijn. Via de ander ken je jezelf. Ik vind daar twee dingen mooi aan. Een vriend is een totaal ander persoon die jou accepteert. En een vriend is ook verplicht om jou terecht te wijzen. Dat hoort bij vriendschap. Je bent verplicht om je uit te spreken.” (p. 171)

Lees ook mijn andere boekrecensies: